Tuesday, December 30, 2025
Heupdysplasie (HD) is één van de meest voorkomende orthopedische aandoeningen bij honden. Het kan zorgen voor pijn, stijfheid, moeite met bewegen en uiteindelijk ook spierverlies in de achterhand. Gelukkig is HD niet altijd een “eindstation”. Met een tijdige diagnose, goede begeleiding en een doordacht revalidatieplan kun je je hond vaak nog jarenlang comfortabel laten bewegen.
In deze blog lees je:
Heupdysplasie (HD) is een afwijking van het heupgewricht waarbij de heupkop en heupkom niet goed op elkaar aansluiten. Ook kan er sprake zijn van teveel laxiteit. Om te begrijpen wat er misgaat, is het handig eerst te kijken naar hoe een gezonde heup eruitziet.
Bij een gezonde heup vormt de heupkop (de “kogel” aan het uiteinde van het dijbeen) samen met de heupkom (de “schaal” in het bekken) een mooi passend kogelgewricht.
De heupkop zit:
Bij heupdysplasie is die pasvorm tussen heupkop en heupkom verstoord. Dat kan er op verschillende manieren uitzien:
Binnen in het gewricht zorgt die instabiliteit voor overbelasting van het kraakbeen (de “stootkussenlaag” tussen kop en kom) en het bot direct onder het kraakbeen
Het kraakbeen kan beschadigen of dunner worden. Het bot reageert daarop door extra botrandjes te vormen (botwoekeringen). Dit geheel noemen we artrose: slijtage en veranderingen in het gewricht. Dit proces gaat vaak gepaard met pijn, stijfheid en minder beweeglijkheid.
Belangrijk: heupdysplasie en artrose zijn niet hetzelfde, maar HD is wél een veelvoorkomende oorzaak van artrose in de heupen van honden. De afwijkende bouw (HD) leidt tot instabiliteit, en die instabiliteit veroorzaakt op termijn slijtage (artrose).
Heupdysplasie zien we vaker bij middelgrote en grote hondenrassen, zoals:
Maar ook kleinere honden kunnen HD hebben. De ernst van de afwijkingen op de röntgenfoto zegt bovendien niet altijd alles over de hoeveelheid pijn die een hond ervaart. Daarom kijken we als dierenfysiotherapeut altijd naar het totaalplaatje, namelijk:
Zo krijgen we een realistisch beeld van hoe HD jouw hond in het dagelijks leven beïnvloedt, en wat we eraan kunnen doen.
Heupdysplasie ontstaat nooit door één enkele oorzaak. Het is bijna altijd een combinatie van erfelijke aanleg én omgevingsfactoren zoals groei, beweging, voeding en spieropbouw. De bouw van het heupgewricht ligt voor een deel vast in de genen, maar hoe erg de klachten uiteindelijk worden, wordt sterk beïnvloed door wat een hond in zijn leven doet en meemaakt.
HD is deels erfelijk. Dat betekent dat bepaalde honden een grotere gevoeligheid hebben om een afwijkende heupkom of heupkop te ontwikkelen. Fokkers laten daarom vaak de heupen van ouderdieren röntgenen, zodat alleen honden met gezonde heupen worden ingezet voor de fok.
Naast de genetische aanleg spelen omgevingsfactoren een grote rol in het ontstaan en verergeren van HD. Vooral tijdens de groeifase is het heupgewricht extra kwetsbaar.
Factoren die HD kunnen uitlokken of verergeren zijn onder andere:
Pups van middelgrote en grote rassen groeien in korte tijd enorm hard. Als voeding niet goed is afgestemd (bijvoorbeeld te energierijk, teveel calcium) of als de groei simpelweg té snel gaat, krijgen botten, gewrichten en spieren onvoldoende tijd om zich rustig en gelijkmatig te ontwikkelen.
Het gevolg: de pasvorm tussen heupkop en heupkom kan zich minder mooi vormen, waardoor de kans op instabiliteit toeneemt.
Bij een hond met aanleg voor HD kan overgewicht de klachten flink versnellen en verergeren. Een goed gewicht is dus één van de belangrijkste “medicijnen” bij gewrichtsproblemen.
Beweging is belangrijk, maar niet alle beweging is geschikt voor een jonge hond in de groei. Veel wild spelen, teveel springen of uitglijden is minder geschikt voor een jonge hond in de groei.
Dit soort belasting kan er, zeker bij aanleg, voor zorgen dat het heupgewricht te veel krachten te verwerken krijgt, waardoor HD eerder of ernstiger naar voren komt.
De spieren rondom de heup werken als een soort korset om het gewricht heen. Als deze spieren te zwak zijn (bijvoorbeeld door weinig gerichte beweging, pijn of langdurige rust), of juist overbelast en continu gespannen zijn, dan kan het heupgewricht minder goed gestabiliseerd worden.
In een instabiele heup zit meer ongewenste beweging, het kraakbeen wordt daardoor zwaarder belast en het risico op artrose en pijn neemt toe.
Je kunt de erfelijke aanleg van je hond niet veranderen, maar je hebt wél invloed op:
Juist daar maken dierfysiotherapie en hydrotherapie het verschil. Met een goed begeleid revalidatieplan, kun je:
Heupdysplasie is geen aandoening die je altijd in één keer herkent. Vaak begint het met kleine veranderingen in gedrag of beweging die je misschien eerst nog uitlegt als “ouder worden” of “hij is gewoon wat lui vandaag”. Toch zijn dit juist de signalen waarbij het belangrijk is om alert te zijn. HD kan zich op jonge leeftijd al uiten, maar ook pas later in het leven klachten gaan geven, bijvoorbeeld als de eerste artrose zich ontwikkelt of de spieren rondom de heupen verzwakken.
Belangrijk om te weten: niet elke hond met heupdysplasie loopt zichtbaar kreupel. Soms zijn de signalen subtiel – een hond die minder wil springen, wat meer achterblijft tijdens de wandeling of nét anders beweegt dan voorheen. Juist die veranderingen in het dagelijkse patroon zijn waardevolle aanwijzingen.
Veelvoorkomende symptomen zijn onder andere:
De definitieve diagnose heupdysplasie wordt gesteld door de dierenarts, meestal met behulp van röntgenfoto’s (ventrodorsale opnames) van de heupen en het bepalen van de FCI-score (A t/m E). De dierenarts beoordeelt onder andere:
Naast de röntgenfoto’s is een goed klinisch onderzoek onmisbaar. Zeker omdat de ernst van de röntgenfoto niet altijd overeenkomt met de klinische klachten.
Bij FHCD kijken we tijdens een intake met een orthopedisch en fysiotherapeutisch onderzoek naar:
Zo krijgen we een compleet beeld van hoe ernstig de klachten zijn, welke structuren zijn overbelast en wat je hond op dit moment nog wél kan.
Heupdysplasie (HD) is één van de meest voorkomende orthopedische aandoeningen bij honden en komt ook voor bij katten.
De behandeling van HD is maatwerk. Het hangt af van de leeftijd van je hond, de ernst van de afwijkingen op de röntgenfoto, de klachten, en jullie doelen (bijvoorbeeld “comfortabel wandelen” of juist “weer kunnen sporten”).
In grote lijnen zijn er drie pijlers:
Bij FHCD werken we vaak samen met jouw dierenarts of orthopeed, zodat de medische behandeling en de revalidatie goed op elkaar aansluiten.
Wanneer bij je hond heupdysplasie is vastgesteld, komt vaak meteen de vraag: “Wat kunnen we nu concreet doen?” Dierfysiotherapie speelt daarin een centrale rol. Het doel is niet alleen om pijn te verminderen, maar vooral ook om het gewricht zo stabiel mogelijk te maken, de spieren rondom de heupen te versterken en het bewegingspatroon te verbeteren, zodat je hond weer met meer comfort kan leven.
Dierfysiotherapie richt zich op het hele bewegingsapparaat: spieren, gewrichten, pezen, banden én zenuwen. Precies die structuren zijn bij een hond met HD extra kwetsbaar. Daarom kijken we niet alleen naar de heup zelf, maar naar het hele lijf: achterhand, rug en voorhand werken immers samen als één geheel.
Bij FHCD starten we altijd met een uitgebreid onderzoek: we bekijken het gangbeeld, testen de beweeglijkheid van de gewrichten, voelen de spieren na op spanning of pijn en beoordelen hoe je hond zijn lijf gebruikt in het dagelijks leven. Op basis daarvan stellen we een persoonlijk revalidatieplan op.
Tijdens de revalidatie kunnen we onder andere inzetten:
Belangrijk: jij als eigenaar bent een onmisbare partner in het revalidatieproces. Tijdens de consulten:
Je gaat naar huis met duidelijke oefeningen, adviezen en een realistisch plan. Zo werk je samen met je hond én de dierenfysiotherapeut stap voor stap aan meer stabiliteit, minder pijn en een beter kwaliteit van leven.
Hydrotherapie (aquatraining) is een van de meest gebruikte en meest effectieve vormen van revalidatie bij honden met heupdysplasie. In het warme water kan je hond bewegen zonder dat de heupgewrichten al het lichaamsgewicht hoeven te dragen. Dat maakt aquatraining ideaal om spieren op te bouwen, het gangbeeld te verbeteren en het zelfvertrouwen in bewegen weer te vergroten – zónder het risico op overbelasting dat je op land sneller hebt.
Waar een wandeling op straat soms al “te veel” kan zijn, geeft de aquatrainer de mogelijkheid om heel gecontroleerd, gedoseerd en veilig te trainen. Juist bij HD, waarbij stabiliteit, spierkracht en goede coördinatie zo belangrijk zijn, is dat een enorme meerwaarde.
Tijdens aquatraining bij FHCD kijken we altijd naar de individuele hond: leeftijd, diagnose, spierconditie, karakter en belastbaarheid spelen allemaal een rol.
Na verloop van tijd bouwen we de belasting rustig op. Je zult vaak merken dat je hond niet alleen sterker wordt in de aquatrainer, maar ook in het dagelijks leven: makkelijker opstaan, beter doorstappen tijdens wandelingen en meer stabiliteit in de achterhand.
Aquatraining is daarmee geen “losse truc”, maar een waardevolle schakel binnen een totaal revalidatieplan: in combinatie met dierfysiotherapie, gerichte oefentherapie en goede leefstijladviezen vormt het een sterke basis voor een zo soepel en comfortabel mogelijk leven met HD.
Wat er in de praktijk gebeurt, is maar één deel van het verhaal. Het échte dagelijks leven van je hond speelt zich thuis af: op de vloer, in de mand, tijdens de korte plasrondjes en de wandelingen met jou. Juist daar kun je met relatief kleine aanpassingen een groot verschil maken in comfort, pijnbeleving en het verloop van de klachten. Daar hebben we het bij de eerste intake uitgebreid over.
Je ziet je hond elke dag, je merkt als eerste wanneer hij langer blijft liggen, anders beweegt of sneller moe is. Door goed te kijken én de omgeving slim in te richten, help je het lijf van je hond om zo efficiënt en pijnvrij mogelijk te bewegen.
Oefeningen om de spieren te versterken zijn enorm waardevol bij HD. Sterke bilspieren, hamstrings en rompspieren helpen de heupen stabieler te maken en nemen een deel van de belasting over van het gewricht.
Maar: niet elke oefening is geschikt voor elke hond. Wat voor de ene hond een perfecte krachtoefening is, kan bij een andere hond juist tot overbelasting of extra pijn leiden. Leeftijd, spierconditie, ernst van de HD en bijkomende problemen (zoals rugklachten of artrose in andere gewrichten) spelen allemaal mee.
Daarom geven we bij FHCD bewust géén standaard lijstje met “doe deze 10 oefeningen bij HD”.
Deze spieren zorgen voor stabiliteit in de heup en helpen je hond om het achterbeen gecontroleerd te plaatsen. Een goede bilspierkracht is essentieel om het gewricht te “omkapselen” en te ondersteunen.
Deze spieren zijn belangrijk voor de afzet en voortstuwing. Als ze te zwak zijn, gaat je hond compenseren; als ze te gespannen zijn, trekken ze juist aan het gewricht. We zoeken steeds naar de juiste balans tussen kracht en ontspanning.
Omdat honden met HD vaak meer gewicht naar voren verplaatsen, raken rug, schouders en voorpoten zwaarder belast. We kijken daarom naar de hele bewegingsketen: van achterhand tot rug en voorhand. Door ook díe spieren mee te nemen in de behandeling, voorkomen we dat er nieuwe klachten ontstaan.
Omdat honden met HD vaak anders bewegen, worden sommige spieren snel pijnlijk door onder- of overbelasting, zwakte of verkramping. Het geeft vaak veel verlichting om deze spieren mee te nemen in de behandeling.
Na een uitgebreide intake en onderzoek kijken we specifiek naar jouw hond: zijn gangbeeld, zijn spieropbouw, zijn belastbaarheid en jullie dagelijks leven. Op basis daarvan krijg je:
Een dierfysiotherapeut kijkt met een andere bril naar je hond dan een dierenarts. Waar de dierenarts vooral gericht is op diagnose, pijnstilling en eventuele operaties, richt de dierfysiotherapeut zich op beweging, spieren, gewrichten en compensatie. Juist bij heupdysplasie is die combinatie heel waardevol.
Het is verstandig om een afspraak te maken als je één of meerdere van de onderstaande signalen herkent:
Maar ook in deze situaties is een consult zinvol:
Twijfel je of je “niet te vroeg” komt? In de praktijk is het eerder andersom: de meeste eigenaren zeggen achteraf dat ze graag eerder waren gekomen. Een intake bij de dierenfysiotherapeut hoeft geen grote stap te zijn; het is vooral een grondige check van hoe je hond nu beweegt, waar we knelpunten zien en wat jullie samen nodig hebben. Zo kun je met een gerust gevoel verder – met een plan dat past bij jouw hond, in plaats van afwachten tot de klachten erger worden.
1. Kan een hond met heupdysplasie oud worden?
Ja, veel honden met HD kunnen – met de juiste begeleiding – gewoon een respectabele leeftijd bereiken. De sleutel zit in: tijdige diagnose, goede pijn- en ontstekingscontrole, spieropbouw en stabiliteit via dierfysiotherapie en eventueel aquatraining en een gezond gewicht en passende beweging
HD gaat niet “over”, maar je kunt wél veel doen om de klachten te beperken en de kwaliteit van leven hoog te houden.
2. Hoe weet ik of mijn hond pijn heeft door HD?
Honden laten hun pijn zelden goed zien door te piepen of te janken, maar wél door hun gedrag en beweging aan te passen. Mogelijke signalen zijn: moeite met opstaan of gaan zitten, minder graag wandelen, spelen of springen, een wiebelende achterhand of “bunny hop”, sneller moe, vaker willen liggen, chagrijniger, prikkelbaarder of zich terugtrekken.
Twijfel je? Dan is een combinatie van onderzoek bij de dierenarts (bijv. röntgenfoto’s) en een gangbeeld- en spieronderzoek bij de dierfysiotherapeut de beste volgende stap.
3. Is een operatie altijd nodig bij heupdysplasie?
Nee, niet altijd. Of een operatie nodig is, hangt af van:
Sommige honden doen het goed met een conservatieve aanpak: dierfysiotherapie, hydrotherapie, gewichtsbeheersing en medicatie waar nodig. In zwaardere gevallen kan de orthopeed een operatie adviseren (bijv. heupkopresectie, bekkenkanteling of totale heupprothese). Bij FHCD denken we graag mee in de revalidatie, zowel vóór als na een operatie..
4. Mag mijn hond met HD nog rennen en spelen?
Ja, vaak wel, maar met beleid. Helemaal “niets meer mogen” is ook niet goed. Het gaat om de juiste balans. Het kan wel zo zijn dat we juist in het begin kalm aan moeten doen om pijnklachten te verminderen.
Tijdens een intake bij FHCD kunnen we een persoonlijk beweegplan maken, zodat je weet wat voor jóuw hond nog passend en veilig is..
5. Helpen supplementen bij HD?
Supplementen kunnen ondersteunend zijn, bijvoorbeeld gewrichtssupplementen met glucosamine, chondroïtine, omega 3 of groenlipmossel. Vaak moeten ze wel langere tijd gegeven worden om effect te hebben en zijn de werking van alle supplementen lang niet altijd wetenschappelijk ondersteund. Belangrijk om te weten:
Overleg altijd met je dierenarts wat in jullie situatie zinvol is.
6. Wanneer heeft het zin om naar FHCD te komen met mijn hond?
Eigenlijk: zodra jij voelt dat er “iets” niet klopt in het bewegen of gedrag van je hond. Het heeft zeker zin om te komen als:
• er (een vermoeden van) HD of artrose is uitgesproken
• je hond stijver wordt, minder graag loopt of niet meer wil springen
• je een wiebelende achterhand of “bunny hop” ziet
• je hond geopereerd is en je begeleiding wilt bij de revalidatie
• je een jonge hond met risicoras of erfelijke aanleg hebt en preventief advies wilt
Tijdens een intake bij FHCD doen we een uitgebreid orthopedisch en fysiotherapeutisch onderzoek, bekijken we het gangbeeld en voelen we de spieren en gewrichten na. Op basis daarvan krijg je een duidelijk plan: wat er aan de hand is, wat we kunnen doen én hoe jij thuis het beste kunt helpen.

Wil je laten onderzoeken of wij jouw dier met een hernia kunnen helpen revalideren?
We helpen je graag verder met deskundig onderzoek, een persoonlijk behandelplan en professionele begeleiding.

FHCD
Ookmeerweg 271
1067 SP Amsterdam
KvK 65174011
BTW NL856007407B01
info@fhcvoordieren.nl
020-7402225

© Copyright 2025 FHCD - All rights reserved.